Aangenomen voor de opleiding en nu?

Allereerst willen wij jou namens de VAGO van harte feliciteren met je opleidingsplaats! In de startfase van je opleiding komen er veel verschillende zaken op je af die je moet regelen. Op deze pagina vind je veel informatie over de opleiding, neem de tijd om dit allemaal rustig door te nemen.

Allereerst zal er een kennismakingsgesprek plaatsvinden met je opleider. In dit gesprek zal je veel informatie ontvangen en ga je samen de opleider jouw opleidingsschema vaststellen. Dit opleidingsschema heb je vervolgens nodig om je (online) in te schrijven in het opleidingsregister van de Registratiecommissie Geneeskundige Specialisten (RGS). Het is belangrijk dat je deze inschrijving voltooit voordat je start met je opleiding.

De volgende stap is om je te registeren als aspirant lid bij de NVOG. Dit kan via de website van de NVOG via het digitale inschrijvingsformulier (NVOG). Door deze inschrijving ben je automatisch lid van de VAGO. Hierna ontvang je automatisch de VAGO-nieuwsbrief. Neem contact met ons op als je deze niet ontvangt (secretaris@nvog-vago.nl).

Na de start van je opleiding is het tijd om je te verdiepen in de verplichte cursussen en onderwijs en het starten van het bijhouden van je portfolio (www.epass.eu).

De VAGO organiseert iedere jaar op de eerste zaterdag in november een eerstejaars borrel en diner. Hieraan zijn geen kosten verbonden. Tijdens de borrel wordt veel informatie gegeven over belangrijke opleiding gerelateerde onderwerpen en daarna is het vooral tijd om je jaargenoten uit het hele land te ontmoeten. Je zult hen nog vaak tegen komen. Noteer alvast de datum in je agenda. Je ontvangt automatisch een uitnodiging van ons.

Tot slot willen we jullie nog meegeven dat de opleiding Gynaecologie en Obstetrie een van de meest moderne medische vervolgopleidingen is. Door het competentiegerichte model heb jij AIOS veel inbreng in je eigen opleidingsplan. En dat plan begint nu al! Dus zorg ervoor dat je direct actief betrokken bent bij je eigen opleiding. Als je ergens hulp bij nodig hebt, dan staan wij voor je klaar. Neem laagdrempelig contact op met je clustervertegenwoordiger of het bestuur (zie ‘Over de VAGO’).

BOEG

BOEG staat voor Bezinning Op de Eindtermen voor Gynaecologen. Het volledige document kun je hier downloaden.

Historie

In 2005 werd het nieuwe curriculum voor de opleiding tot gynaecoloog gelanceerd door de NVOG-groep Herziening Opleiding Obstetrie Gynaecologie (HOOG). Dit was naar aanleiding van rapporten uit Den Haag over de ‘arts van straks’, waardoor er behoefte ontstond om duidelijkere eindtermen te geven aan het curriculum tot medisch specialist. In die eindtermen moesten de verschillende competenties beschreven zijn volgende de CanMeds (2000), die niet alleen medisch inhoudelijk maar ook vakoverstijgend zijn (zie hieronder). Binnen HOOG was het de bedoeling dat de AIOS ook invloed heeft op de inhoud van zijn/haar opleiding. Dit vergt meer inzet van de opleider maar ook van de AIOS, zodat de effectiviteit zo groot mogelijk is van de opleiding.

Waarom BOEG

Door veranderingen in de zorg zoals hogere kwaliteitseisen, reorganisatie van zorg en technologische ontwikkelingen, en eisen aan de opleiding (dat door bijvoorbeeld normalisatie van de werktijden opleiden efficiënter moet gebeuren) was er behoefte aan bezinning op de eindtermen voor gynaecologen. Niet iedereen kan meer het vak in volle omvang uitoefenen. Daarnaast zijn de relaties met management en zorgverzekeraars en bijvoorbeeld ICT in de zorg complexer geworden en zijn competenties op die gebieden steeds belangrijker.

Wat is BOEG

BOEG is ons landelijk opleidingsplan. Het is gemaakt als beschrijving van de kernelementen en het geeft tips voor de opleiders om hun lokale opleidingsplan verder in te vullen. De opleiding is nu opgebouwd uit 2 basisjaren, 2 speciële jaren en 2 verdiepingsjaren. In de drie fases bestaat de inhoud van de opleiding in ieder geval uit diensten, operatieve vaardigheden en poliklinische vaardigheden. In de laatste fase komen daar rolspecialisatie(s) en therapeutische verdieping bij. In elke fase wordt de AIOS op verschillende vaardigheden beoordeeld en is de rol van de opleider aanvankelijk meer instructief en onderwijzend, later meer coachend en adviserend.

Voor de therapeutische verdieping heeft de AIOS de keuze uit de volgende differentiaties:

  • Perinatologie en verloskundige regie
  • Benigne gynaecologie
  • Urogynaecologie
  • Gynaecologische oncologie
  • Voortplantingsgeneeskunde
  • Een combinatie van bovenstaande profielen

In de laatste twee jaren van de opleiding bestaat ruimte voor een facultatieve rolspecialisatie. Dit houdt in dat de AIOS de mogelijkheid heeft om 20% van de tijd in te vullen met een specialisatie naar eigen keuze. Voorbeelden van een rolspecialisatie zijn:

  • Patiëntveiligheid
  • Kwaliteitszorg
  • Organisatie zorg en teams
  • Communicatie en marketing
  • Wetenschap
  • Onderwijs
  • Klinisch leiderschap
  • Financiële stromen

Verdieping in dergelijke onderwerpen kan de ‘waarde’ van een AIOS vergroten. De taak van de opleider ligt in dit geval bij het helpen kiezen van een rolspecialisatie die past bij een AIOS. De opleider is niet verantwoordelijk voor het aanbieden van de specialisaties, maar helpt de AIOS bij het vinden van een geschikt programma. Indien een AIOS er voor kiest geen rolspecialisatie te volgen zal deze tijd betrokken worden bij de standaard taken.

De inhoud van de opleiding tot gynaecoloog is ingedeeld in 15 verschillende thema’s, die als EPA’s zijn aangeduid (Entrustable Professional Activities). Een EPA omvat een opleidingsonderdeel dat inhoudelijk met elkaar samenhangt. Per EPA zijn er vaardigheden vastgesteld die op een bepaald competentieniveau moeten zijn behaald, bij de ijkpunten na 2, 4 en 6 jaar van de opleiding. Een overzicht van de EPA’s en de bekwaamheidsniveaus zie je op het Dashboard van EPASS. Bij de voortgangsgesprekken met je opleider bespreek je welk competentieniveau behaald is op basis van de beoordelingen en kan er middels een bekwaamheidsaanvraag in het portfolio het competentieniveau worden vastgelegd.

Zoals eerder gezegd is BOEG het landelijk opleidingsplan. Hoe de opleiding er binnen de verschillende clusters (lokaal/regionaal) en zelfs voor de individuele AIOS er uit ziet varieert. Er wordt gesteld dat de opleiding tenminste aan de volgende 4 eisen moet voldoen:

  • Alle thema’s moeten aan bod komen
  • Het minimum aantal toets momenten wordt gehaald
  • Gesprekken vinden plaats conform de richtlijn
  • Het portfolio (EPASS) is het uitgangspunt voor de voortgangsgesprekken en geschiktheidsbeoordelingen

De opleiding moet intern en extern getoetst worden. Intern door zelf te bepalen systemen (zoals DRECT, SetQ). Extern door een visitatiecommissie, samengesteld uit leden van de Plenaire Visitatiecommissie (PVC) van de NVOG, die haar verslag en adviezen uitbrengt aan de RGS. Bij de NVOG zijn de leden van de PVC ook lid van het Concilium.

RGS

Wat is de RGS

RGS staat voor Registratiecommissie Geneeskundig Specialisten. De RGS voert regels uit van het College Geneeskundige Specialismen (CGS) rond (her)registratie van geneeskundig specialisten en profielartsen, de registratie bij opleiding tot geneeskundig specialist en profielarts en de erkenning van opleiders en opleidingen. De RGS is door de KNMG ingesteld om het publieke belang te dienen. Haar taak is om de gezondheid en veiligheid van het publiek te beschermen, te bewaken en te bevorderen. Dit betekent dat de RGS bij het nemen van besluiten het belang van de samenleving en de patiënt boven het belang van de instelling, geneeskundig specialist of profielarts dient te stellen, zonder het belang van de artsen uit het oog te verliezen. Met andere woorden: de samenleving moet erop kunnen vertrouwen dat een in Nederland erkende opleiding, opleider of geregistreerde geneeskundig specialist of profielarts altijd aan de wettelijke eisen voldoet. Voor jou als AIOS is de RGS vooral van belang voor je registratie in het opleidingsregister.

Registratie/wijzigingen doorgeven aan de RGS

Voor de start van je opleiding moet je jezelf inschrijven in het opleidingsregister van de RGS, aanmelding verloopt via MijnRGS.  Je kunt de aanvraag pas indienen als je een opleidingsplaats hebt verworven en beschikt over bewijs van inschrijving in het BIG-register. De kosten voor de inschrijving worden vanaf 1 januari 2017 vergoed (door het ziekenhuis waar je op dat moment werkzaam bent).

Binnen deze registratie moet onder andere je opleidingsschema worden ingediend en deze moet worden goedgekeurd door de RGS. Als er tijdens je opleiding wijzigingen optreden door bijvoorbeeld zwangerschapsverlof, parttime werken, ouderschapsverlof, ziekte of buitenlandstage, dan moet je dit tijdig aanvragen en wijzigen in je opleidingsschema bij de RGS. Hiervoor is instemming van de oordelend opleider nodig.

Sinds januari 2015 kunnen alle AIOS een verkorting van de opleidingsduur krijgen op basis van verworven competenties. Daardoor is het mogelijk om competentiegerichte opleidingen op maat te creëren. Zowel de eerder (vóór de opleiding) verworven competenties als het sneller (tijdens de opleiding) verwerven van competenties kunnen leiden tot een korter opleidingstraject. Uiteraard gaat dit in samenspraak met je opleider.

Geschillen

Geïntensiveerd begeleidingstraject

Als er twijfel is over de geschiktheid van de AIOS kan de opleidingsgroep een geïntensiveerd begeleidingstraject starten. Doel van dit traject is om de AIOS de gelegenheid te bieden om zich, onder intensieve begeleiding, alsnog te bekwamen in de onderdelen (competenties) waarover twijfels zijn. De RGS heeft een stappenplan ontwikkeld voor de opleider en de AIOS, zie hiervoor de Flyer ‘Het geïntensiveerde begeleidingstraject’.

Geschil

Soms acht de opleider een AIOS niet geschikt of in staat de opleiding voort te zetten. Voor sommige AIOS is dit een logisch gevolg van eerdere gesprekken en beoordelingen en accepteren zij deze situatie. Als de AIOS het echter niet eens is met de beslissing van de opleider, dan ontstaat er een geschil.

In het Kaderbesluit CCMS zijn specifieke regels vastgelegd over de geschillenbeslechting in dit soort gevallen. Voordat je als AIOS een verzoek kunt indienen bij de hiervoor opgerichte Geschillencommissie van de KNMG, moet het geschil met je opleider eerst gemeld worden bij de Centrale Opleidingscommissie (COC) van je ziekenhuis. Het voorleggen van het geschil aan de COC moet binnen 4 weken na het ontstaan van het geschil worden gemeld. De COC kan gebruik maken van een mediator. De COC tracht het geschil binnen 6 weken nadat het geschil aan haar is voorgelegd in der minne te schikken. Is de uitspraak van de COC voor de AIOS onbevredigend of komt de commissie niet tot een uitspraak, dan staat de weg open naar de Geschillencommissie van de KNMG. De Geschillencommissie bestaat uit juristen, specialisten en AIOS. Een keer per maand vinden de hoorzittingen plaats, waar beide partijen worden gehoord. De geschillencommissie beraadslaagt en besluit achter gesloten deuren. Zij moet in het algemeen binnen zes weken na de datum van de hoorzitting beslissen. Als een van de partijen het niet eens is met een uitspraak van de Geschillencommissie kan deze een zaak aanhangig maken bij de civiele rechter van de rechtbank van het arrondissement waarin die partij gevestigd of woonachtig is.

De hoorzittingen vinden plaats in de Domus Medica te Utrecht. De zittingsdata en alle informatie over de Geschillen procedure vind je hier.

Bij vragen hierover of daadwerkelijke juridische ondersteuning kun je contact opnemen met het AIOS Meldpunt, onderdeel van het Kennis- en Dienstverleningscentrum van de Federatie Medisch Specialisten en de LAD. Je kunt op werkdagen telefonisch terecht bij het AIOS Meldpunt via 088 13 44  122, of mail je vraag naar info@dejongespecialist.nl.

Bezwaar en advies

Heb je bezwaar tegen een besluit van de RGS (over registratie, herregistratie, erkenning als opleider, opleidingsinrichting of opleidingsinstituut, over je inschrijving in het opleidingsregister) dan bestaat er hiervoor de Adviescommissie. Klik hier voor de bezwaarprocedure.

Jaarverslagen

De Geschillencommissie en Adviescommissie brengen jaarlijks verslag uit over hun werkzaamheden. Daarin geven zij inzicht in de aantallen zaken die werden ingediend en behandeld, de aard van de kwesties die werden voorgelegd en korte samenvattingen van de uitspraken. Bovendien zijn de geanonimiseerde teksten van de uitspraken aan de jaarverslagen gehecht. Je vindt de verslagen hier.

Buitenland stage

Themamiddag (artikel in NTOG 2018/01 door Carolien Kanne, beleidsondersteuner NVOG)

In december 2017 vond de themamiddag ‘Randvoorwaarden Buitenlandstage’ plaats. De themamiddag was georganiseerd door de Koepel Opleiding. Doel van deze bijeenkomst was om met opleiders en aios ervaringen uit te wisselen over buitenlandstages en te bediscussiëren welke afspraken we hiervoor nodig achten om de kwaliteit en veiligheid

te borgen. De middag werd gestart met een drietal presentaties door (voormalig) AIOS waarin hun ervaringen in het buitenland gedeeld werden met de aanwezigen. Respectievelijk twee stages in het Tygerbergh Hospital in Kaapstad door Anke Heitkamp en Sanne van der Kooij en een stage in Melbourne door Josien Terwisscha. Samenvattend kan vastgesteld worden dat de drie sprekers een buitenlandstage als een evidente meerwaarde zien. Je wordt (persoonlijk) uitgedaagd doordat je buiten je comfort zone werkt en in een andere cultuur terecht komt. Een kijkje in andermans keuken leert je te reflecteren en te relativeren op je werksituatie in Nederland. De exposure in het buitenland, zowel hoge volumes als ook zeldzame afwijkingen, creëren veel leermomenten in korte tijd. Daarnaast kan veel geleerd worden van andermans werkwijze en vice versa kun je ook kennis en ervaringen delen met de gastwerkgever in het buitenland. Wel moet je goed voorbereid beginnen aan je buitenlandstage en is het niet voor iedereen weggelegd. Je moet flexibel zijn, stevig in je schoenen staan en minimaal zelfstandig een sectio kunnen uitvoeren. Belangrijk is om vooraf voor jezelf leerdoelen vast te stellen en afspraken te maken voor een stage plan. Een mentor of begeleider ter plaatse wordt als een grote meerwaarde ervaren om snel wegwijs te worden en te kunnen overleggen. Met de aanwezigen is gediscussieerd of er centraal, bijvoorbeeld vanuit de NVOG, controle moet plaats vinden op kwaliteit en veiligheid van de stage. De NVOG heeft in 2014 hiertoe criteria opgesteld, zie ook het besloten deel van de NVOG-website > Koepels en Pijlers > Concilium > Reglementen. De aanwezigen bij de themamiddag achten deze criteria grotendeels nog steeds van toepassing. Een buitenlandstage moet o.a. minimaal in een, in dat land, erkende opleidingsafdeling plaats vinden. Een buitenlandstage, is alleen mogelijk met een akkoord van respectievelijk de U- én NU-opleider en wordt daarmee decentraal beoordeeld. Besproken werd dat in aanvulling daarop het NVOG Global Network geraadpleegd kan worden voor hun ervaringen met opleidingsklinieken in het buitenland en om af te stemmen of het een geschikte plek is voor een buitenland stage. Het NVOG Global Network heeft als missie zich te richten op samenwerking met internationale partners op het gebied van kennisuitwisseling in de vorm van kwaliteit en toegankelijkheid van zorg, opleiding en wetenschap (betreffende de vier pijlers binnen de gynaecologie). Kernbegrippen hierbij zijn: samenwerking op basis van gelijkwaardigheid en duurzaamheid. Eén van de specifieke doelen is samenwerking

aan gaan en ondersteuning bieden voor een kwalitatief goede opleiding tot gynaecoloog in het buitenland. En eigen AIOS de mogelijkheid bieden tot internationale ervaring in kwalitatief goede en veilige omgeving. Daarnaast werd vastgesteld dat een checklist waar je als toekomstige stagiair aan zou moeten voldoen, van meerwaarde kan zijn. Dit zal worden opgepakt samen met het NVOG Global Network. Tot slot kan nagedacht worden over een voorbereidende training/cursus voor de stagiair en/of het delen van stage verslagen in een bepaald format op de NVOG-website.

Regels en procedure buitenlandstage

Criteria/Richtlijn Buitenlandstage Aios Obstetrie & Gynaecologie, vastgesteld op 26 september 2014, in Utrecht door het Concilium Obstetricum et Gynaecologicum:

  1. Een AIOS mag een deel van zijn opleiding in het buitenland doen. Een buitenlandstage kan pas worden aangevraagd in het differentiatiedeel van de opleiding na het behalen van IJkpunt II.
  2. Van alle gemaakte voortgangstoetsen mag er maximaal één met een onvoldoende zijn afgelegd.
  3. Alle verplichte cursussen zijn gevolgd.
  4. Een buitenlandstage moet aantoonbaar meerwaarde voor de opleiding hebben.
  5. De buitenlandstage vindt plaats in een, in dat land erkende, opleidingsafdeling en kan maximaal 1 jaar duren.
  6. Een buitenlandstage kan alleen plaats vinden indien de AIOS zijn/haar eigen financiering regelt. De AIOS wordt gedetacheerd met behoud van salaris vanuit Nederland naar de buitenlandse kliniek zonder dat hij aanspraak kan maken op reis- en verblijfskosten. Het clusterziekenhuis kan niet verplicht worden een additionele financiële bijdrage te leveren.
  7. In de aanvraag voor een buitenlandstage wordt een motivatie en een nauwkeurige omschrijving van de activiteiten opgenomen met tevens een voorstel voor een aangepast opleidingsschema. De AIOS dient aan te geven waarom de kennis en ervaring niet in de eigen (of een andere) OOR kan worden opgedaan. De toegevoegde waarde van de buitenlandstage blijkt uit het bijgehouden Persoonlijke Opleidings Plan (POP).
  8. Het portfolio is up to date en in overeenstemming met de opleidingsfase en is geaccordeerd door de U- en NUopleider. De eindverantwoordelijke opleider keurt de aanvraag uiteindelijk goed. Tijdens de buitenlandstage moet er goede communicatie tussen de opleider in buitenland en de eindverantwoordelijke opleider plaatsvinden over het POP, voortgang en competenties.
  9. Na lokale goedkeuring door U- en NU-opleider informeren AIOS en U-opleider het Concilium over de buitenlandstage. In geval van een meningsverschil tussen AIOS en NU-/U-opleider over de meerwaarde c.q. goedkeuring van de aanvraag voor een buitenlandstage kan bij het Concilium een bindend advies aangevraagd worden.
  10. Na goedkeuring door de U en NU opleider wordt de aanvraag voorgelegd aan de RGS die het definitieve besluit tot goedkeuring of afwijzing neemt. Ten aanzien van beroep of bezwaar gelden de regels van de RGS.
  11. Na afronding van de buitenlandstage vindt rapportage door de AIOS plaats. Bij voorkeur in het NTOG en het Concilium, maar in ieder geval in de eigen cluster.

Bijna klaar met de opleiding en nu?

Als het zover is dat je het ondertekende C-formulier bijna binnen hebt, ben je ongetwijfeld druk op zoek naar een plek als maat, chef de clinique, fellow of misschien een baan in het buitenland. Er zijn echter nog een aantal zaken die geregeld moeten worden. Hieronder de stappen die je moet ondernemen om je opleiding achter je te laten en als specialist verder te gaan:

  • Registreren als specialist: je dient de aanvraag in via MijnRGS.
  • Inschrijven als lid van de NVOG via de NVOG-site (je kunt nu niet meer het aspirant lidmaatschap gebruiken).
  • Uitschrijven bij de VAGO d.m.v. een mail aan secretaris@nvog-vago.nl
  • Zodra de registratie bij de NVOG geregeld is en de betaling binnen is, word je automatisch ingeschreven in GAIA (Gemeenschappelijke Accreditatie Internet Applicatie).
  • Tot slot je registratie bij EPASS. De opzegging hiervan hoort vanzelf te gaan mits je je opleidingsplan correct hebt ingevuld in je EPASS. Dit is je eigen verantwoordelijkheid. Je gegevens kun je vervolgens blijven inzien, maar je kunt niets meer toevoegen.

Succes met je verdere carrière als gynaecoloog!