DGOG symposium 2022 – verslag

Recent werd op 19 januari j.l. het jaarlijkse DGOG symposium gehouden, wederom online gezien de restricties door COVID. De verschillende pijlers waren goed vertegenwoordigd zowel in het programma als onder de deelnemers.

Na opening door Prof. Remi Nout als voorzitter van het DGOG bestuur, presenteerde hij de data van de EMBRACE-1 studie. Fraai overzicht hoe verfijning van de radiotherapeutische benadering met behulp van ‘MRI-guided adaptive brachytherapy in locally advanced cervical cancer’ tot aanzienlijke verbetering heeft geleid van lokale controle bij patiënten met uitgebreid cervixcarcinoom. Vervolg onderzoek in de EMBRACE-2 heeft als doel om de therapie gerelateerde toxiciteit te verminderen. Toekomstige studies zullen gericht zijn op het identificeren van patiënten die onvoldoende responderen op de huidige therapie (chemoradiatie) en zich presenteren met recidief en/of metastasen op afstand.

Dr. Maaike Bleeker, patholoog, Amsterdam UMC, gaf een overzicht van de herziene FIGO classificatie bij het vulvacarcinoom. Belangrijke aanpassing is de manier waarop de invasiediepte wordt gemeten. Dit heeft potentieel grote implicaties voor de chirurgische behandeling en het wel of niet doen van een sentinel node procedure. Nadere afstemming zal nodig zijn binnen de gynaecologisch georiënteerde pathologen in samenspraak met de leden van de richtlijncommissie vulvacarcinoom.

De presentatie van Dr. Heleen van Beekhuizen was gericht op ‘the big picture’ van het endometriumcarcinoom. De enorme stijging van het aantal vrouwen dat wordt gediagnosticeerd met endometriumcarcinoom en waarvan de helft kan worden toegeschreven aan obesitas, vraagt om een proactieve aanpak. Hoe kunnen we zorgen dat de kosten beheersbaar blijven met de nieuwe ontwikkelingen op het gebied van moleculaire diagnostiek en sentinel node waarvan nog onvoldoende duidelijk of dit voor alle patiënten met endometriumcarcinoom van meerwaarde is? Zonder direct antwoord te geven op hoe deze zorg in de toekomst georganiseerd zou moeten zijn, was het doel van de voordracht vooral bewustwording te creëren bij alle stakeholders en een brede discussie te initiëren.

In de afgelopen jaren zijn er verschillende studies met PARP-remmers verricht bij vrouwen met ovariumcarcinoom. Om een goed overzicht te krijgen wie, wanneer, voor welke type PARP remmer in aanmerking komt, heeft Dr. Martin Rijlaarsdam een overzicht gegeven. Het moge duidelijk zijn dat deze PARP-remmers een steeds grotere plaats innemen in de behandeling van patiënten met een ovariumcarcinoom en niet alleen bij BRCA1/2 gemuteerde tumoren.

In twee delen werd een overzicht gegeven over de lopende studies en logistiek van de DGOG-studies door Dr. Christianne Lok en Dr. Ingrid Boere. Verdere professionalisering binnen de DGOG met studie- en data ondersteuning zijn in een verkennende fase. Het grote aantal studies is lovenswaardig, maar vraagt ook continue afstemming waarin de DGOG een belangrijke taak vervult.

De hoge opkomst (144 deelnemers) door de mogelijkheid om ‘online’ aan te sluiten, lijkt een goede ontwikkeling die wordt omarmd voor de toekomst. Discussies blijven digitaal wat uitdagender, maar de hybride optie voor de toekomst kan mogelijk daarmee aan beide voordelen tegemoet komen.

Bekijk de presentaties.